vrijdag 27 januari 2012

Bibliotheken in Nederland 5 - Samenwerking

Cultuurfabriek. Is dat een term die cultuurspreiding en cultuurparticipatie in zich sluit? Het is in elk geval de naam van het pand waar de bibliotheek van Veenendaal in huist. Een doorsnee bibliotheek in een doorsnee gemeente de bible belt van Nederland. De meest klassieke van de bibliotheken die we bezochten en misschien ook de meest Vlaamse. Samen onder dak met de kunstuitleen, het verplichte leescafé en het lokale museum. Een klassiek retailconcept, versie 'black box', maar met lokale varianten.

De samenwerking leek niet erg diepgaand. Het blitzbezoek van onze groep aan het lokale museum op de benedenverdieping, wekte wat wrevel op : waarom lopen al die Belgen hier zomaar binnen zonder betalen?

Samenwerking leek overigens op veel plaatsen een heikel punt. Amsterdam is zo groot dat iedereen graag in de schaduw vertoeft. Was het radiostation AmsterdamFM bijna overgenomen door de OBA, of was dat wat grootspraak van de bibliotheek? Maar de relatie met het conservatorium aan de overzijde van de straat, leek dan weer aan de koele kant. Ook in  Heerhugowaard liep de samenwerking met de academie blijkbaar moeizaam. Een kwestie van persoonlijkheden?

Maar een rondleiding is ook niet meer dan dat: een partiële blik op de werking van instelling. Bibliotheek Kennemerwaard leek in een project rond duurzaamheid een spilfunctie op te nemen in het landschap van lokale milieu-organisaties, maar het project viel buiten de scoop van de rondleiding. En dan duikt automatisch de vraag op: wat hebben we allemaal niet gezien op deze driedaagse bij onze Noorderburen?

woensdag 18 januari 2012

Bibliotheken in Nederland 4 - Teams

Delft. De modernste bibliotheek van Nederland. Wat zou er overblijven van DOK nu Eppo van Nispen tot Sevenaer er geen directeur meer is. Tijdens een eerdere reis naar Nederland, vroegen we ons al af hoe lang Eppo in Delft zou blijven. En of zijn model 'duurzaam' zou zijn, want al in 2008 verschenen de eerste berichten over budgettaire problemen bij DOK Delft.

Van reorganisatie is inderdaad sprake. Erik Boekesteijn, samen met Jaap van de Geer drijvende kracht achter de innovatieve projecten van DOK Delft, liep rond in een witte labojas met het opschrift Doklab. En Doklab is ook de naam van de nieuwe organisatie waarin hun projecten ondergebracht worden vanaf 1 januari 2012. Zullen vanaf nu de Shanachie Tour en This Week in Libraries zelfbedruipend moeten zijn?

Maar dat zijn aanpassingen achter de schermen. Voor wie er binnen loopt, ziet DOK Delft er nog altijd even levendig en aantrekkelijk uit. Dat we er op bezoek waren op een woensdagnamiddag tijdens een kerstoptreden voor kleuters, zal daar niet vreemd aan zijn. Niet de massa's uit Amsterdam in provinciestad Delft, maar wel een gezellige drukte. En ook geen personeel dat zich lijkt af te vragen waarmee het zich nu juist moet bezighouden, maar medewerkers die gebruikers helpen en aan het werk zijn. Meer nog dan in de bibliotheek van de honderd talenten lijkt de jeugdafdeling hier echt van de jeugd te zijn. Het oerwoud van rekken op grote wielen geeft de afdeling een dynamische aanblik en op de vloer slingert het speelgoed in het rond. Aan de tafels helpen ouders hun kinderen. Maar goed, zoals gezegd: woensdagmiddag.

De Wii heeft zijn prominente plaats verloren en het aantal gameconsoles lijkt verminderd te zijn. Muziek wordt alleen nog digitaal aangeboden. De cd's zijn uit de rekken gehaald. De zetels met ingebouwde boxen en een Apple-computer waar gebruikers rustig naar muziek kunnen luisteren, blijken zorgenkindjes. De opnamestudio kampt met technische problemen. Niet alles rozengeur en maneschijn dus.

Weer op de bus vragen we ons af wat het verschil maakt. 'Een gezond anarchisme' was er blijkbaar altijd al geweest. En al had Eppo de Delftse bib, de modernste van Nederland, op de internationale kaart gezet, het is duidelijk niet alleen zijn verdienste dat ze zo hip is. De stationsbibliotheek van Haarlem is een concept zonder gezicht, de bib van Amsterdam is prestigieus, maar in zijn omvang weinig persoonlijk en in Heerhugowaard leek het alsof de fusie uit 2009 nog verteerd moest worden. Delft is een bibliotheek op mensenmaat. Kan het zo simpel zijn: een bibliotheek waar de innovatie vanuit het team komt? Enthousiasme over wat ze gepresteerd hadden, voelden we in elk geval ook wel in de bibliotheek van de honderd talenten. En is dit dan te vergelijken met de authenticiteit die Tenaanval in Londen vond?

Of is het allemaal wishful thinking, want teams hebben we nergens echt aan het werk gezien.

vrijdag 13 januari 2012

Bibliotheken in Nederland 3 - Organisaties

Ook de bibliotheek van Heerhugowaard werkt volgens een concept: dat van de bibliotheek van 100 talenten. Hier gaat het meer over de methodiek dan over inrichting of doelstellingen. Bij het ontwerpen van de jeugdafdeling werden de jongeren zelf intensief betrokken. Niet alleen de meisjes uit middenklassengezinnen die sowieso al fan zijn van de bibliotheek. Via de scholen ook andere jongeren. Het resultaat was een jeugdafdeling met veel hoekjes en kantjes die er op een woensdagochtend dan toch weer wat ongebruikt uit zag. Even leeg als de jeugdafdeling in de OBA, de dag voordien, maar wel kleuriger, speelser en gevarieerder. Op de vraag of alleen kinderen honderd talenten hebben, kwam een onduidelijk antwoord. Ene Maria zou ook met volwassenen aan de slag zijn. In elk geval: ook hier weer een sterk concept, onderbouwd met pedagogische principes en mooi verkocht door, alweer, ProBiblio.

Hoe mooi de jeugdafdeling ook mag zijn, het interessante aan dit verhaal lag in een ander aspect. De openbare bibliotheek van Heerhugowaard maakt deel uit van een groter geheel: de Bibliotheek Kennemerwaard. De bibliotheek is geen gemeentedienst, maar een onafhankelijke organisatie, waarin de bibliotheken van Alkmaar, Castricum en Heerhugowaard samenwerken. Eén organisatie dus, die voor het bibliotheekwerk geld krijgt van drie gemeenten. Dat geld dient niet voor het geheel, maar voor de werking in die specifieke gemeente. Hetzelfde zagen we overigens in Amsterdam, waar de OBA gefinancierd wordt door de verschillende stadsdelen. Dat leidde ertoe dat de OBA in het ene stadsdeel moet bezuinigen, terwijl dat in een ander niet het geval is. Eén organisatie dus, maar verschillende opdrachten in verschillende gemeenten. De bibliotheek van Heerhugowaard is er één van honderd talenten, maar in Alkmaar en Castricum was dat concept nog niet uitgerold. En bij de fusie was het personeel van Heerhugowaard blijkbaar niet echt in de prijzen gevallen. Voelden we daar de gevolgen van een nog niet volledig verteerde operatie?

Eén organisatie ook die zich moet verantwoorden tegenover een externe subsidiegever: met uitleencijfers, leden- en bezoekersaantallen. Er wordt gezocht naar alternatieve formules, want ook in Nederland ziet men de opdracht voor de bib toch wel ruimer dan uitleencentrale, maar evident is dat niet. Maar ook: één grote organisatie die moet gaan samenwerken met allerlei kleinere organisaties in verschillende gemeenten. Veel fantasie is er niet nodig om je het wantrouwen in te beelden dat dan ontstaat: de angst om opgeslokt of gebruikt te worden door die mastodont van een bib.

maandag 9 januari 2012

Bibliotheken in Nederland 2 - Concepten


Van Amsterdam naar Haarlem, van groot naar klein. Geen superlatieven deze keer, maar wel een goed doordacht experiment. En de aanleiding voor een stevige discussie.

De doelstellingen voor de stationsbibliotheek in Haarlem waren helder: binnen het jaar 1000 leden werven, hoofdzakelijk volwassen mannen die nog geen lid zijn van de openbare bibliotheek in Haarlem. Na vier maanden telde de bib op perron 4 vijfhonderd leden. Goedkoop is het nochtans niet, toch niet naar Vlaamse normen: 30 euro per persoon per jaar. Voor 'een tientje' extra krijg je er een lidmaatschap van de openbare bibliotheek van Haarlem bij - of omgekeerd. Wie het bedrag te hoog vindt, kan ook betalen per uitlening: 2,50 euro per boek kost het dan.

De bib is ingericht volgens het retailconcept. Er is een koffiehoek, een zithoek met tijdschriften, een zelfuitleenbalie met RFID. De boeken liggen in stapels op tafels of staan frontaal in rekken met overzichtelijke rubrieken. Het rek met de graphic novels springt in het oog: de collectie is gekozen in functie van de doelstelling. Het geheel ademt de sfeer van een moderne boekhandel. De top-60 maakt nog 35% uit van de 'omzet'. De boekhandels uit de omgeving juichen het initiatief toe en willen graag samenwerken.

Hoewel de stationsbibliotheek uitgebaat wordt door de bibliotheek van Haarlem, blijft de relatie tussen beide onduidelijk. Een gecombineerd lidmaatschap is mogelijk, maar moet niet. Elke bib heeft zijn eigen bibliotheeksysteem, zodat de rijkdom van de Haarlemse collectie moeilijk uitgespeeld kan worden in het station.

Marketing is een specialiteit van ProBiblio, de organisatie die het concept van de stationsbibliotheek bedacht, zoveel is duidelijk. De stationsbibliotheek is een pilootproject en de bedoeling is om te komen tot een netwerk van dergelijke bibliotheken, gericht op de treinreizigers. Het gaat uiteindelijk om een groep (potentiële) gebruikers die relatief veel leest. Hoe realistisch dat netwerk is, blijft vaag. ProBiblio heeft een aanbod van de Nederlandse Spoorwegen voor een bibliotheek in een ander station afgewezen omdat er te weinig potentie in het project zat. Andere concrete voorstellen lijken er momenteel niet te zijn.

De jongeren in onze groep vinden het een fantastisch model. Zelf blijf ik met veel vragen zitten. Vooral de doelstelling baart me zorgen. Zoals wij het verhaal te horen krijgen, gaat dit over het winnen van leden voor een organisatie en het realiseren van zoveel mogelijk uitleningen. Over maatschappelijke doelstellingen werd met geen woord gerept: geen ontmoetingsplek, geen informatiebemiddeling, geen leesbevordering, geen smaakontwikkeling. Is dat alles? Allicht ben ik ouderwets als ik voorstel dat een gelijkaardig effect bereikt kan worden met een minder actuele collectie: geen boeken uit de top-60, maar werk dat commercieel minder evident is. Mensen ertoe aanzetten om nieuwe (of moet ik zeggen 'oude'?) dingen te ontdekken.

Zelf kan ik de discussie niet los zien van die rond de leenvergoeding. De dag voor we vertrokken, heb ik in een debat nog het onderscheid benadrukt tussen het Nederlandse en het Vlaamse bibliotheekwezen. In Vlaanderen hebben we een duidelijke maatschappelijke opdracht. Bij ons zijn bibliotheken overheidsdiensten die werken aan cultuurspreiding, cultuurparticipatie en informatiebemiddeling. In Nederland zijn het zelfstandige, gesubsidieerde organisaties die hun werking verantwoorden aan de hand van ledenaantallen en uitleencijfers. De stationsbibliotheek in Haarlem nodigt ertoe uit om het debat zo scherp te stellen. Neem de proef op de som: loop er binnen en stel u de vraag: wat is de doelstelling van deze bib?Als morgen een grote boekhandelsketen start met een verhuurdienst van boeken, dan zal die er uitzien zoals de bib op perron 4 in Haarlem CS.

Nog erger: het concept is verouderd nog voor het goed en wel van de grond gekomen is. Want, zoals één van de medereizigers zich afvroeg: wat met e-books? Als er nu één groep is die snel overschakelt op tablets en e-readers, dan zijn het wel de treinreizigers. Maar daar was nog niet over nagedacht.

Weer thuis lees ik bij Tenaanval, die net bibliotheken in Londen bezocht heeft en onder de indruk is van hun dynamiek:
"Het succes van al die organisaties zat hem volgens mij niet alleen in hun zelfverzekerdheid maar ook in hun eigenheid: niks formules maar een duidelijk eigen gezicht, een eigen stijl. Niet altijd even flitsend (integendeel zelfs) maar wel heel eigen en heel herkenbaar. Authentiek ook vooral. Ze laten zich niet gek maken door de waan van de dag maar ze houden vast aan hun eigen principes en hun eigen uitgangspunten. (...) Ze hebben een heel eigen verhaal, geen slappe imitatie of vage kopie van andermans formule,  maar ze staan voor wat zij belangrijk vinden en ze hebben lol in wat ze doen. Dat stralen ze uit en dat brengen ze over. Dat werkt dus en dat was mooi om te zien."
En wat later citeert Tenaanval Richard Watson, die eerder het uitstervan van de bib in 2019 situeerde, maar recent zijn mening herzag:
"In a world cluttered with too much instant opinion and we need good librarians more than ever. Not just to find a popular book, but to recommend an obscure or original one."
Is dat ons streefdoel? Zowel in de Vlaamse overheidsdiensten als in de Nederlandse conceptbibliotheken?

dinsdag 3 januari 2012

Bibliotheken in Nederland 1 - Gebouwen

De beste bibliotheek van Nederland stond niet op het programma van de studiereis die Locus organiseerde samen met Rob Bruijnzeels van de Library School. De modernste wel en ook de grootste mocht niet ontbreken. Die laatste staat inmiddels al een jaar of vijf in Amsterdam:de OBA,  een gigantisch gebouw, een grand bazar zeg maar, naast het Centraal Station. Want zoals het past in een warenhuis, vormen de roltrappen de kern. Hoe meer de bezoeker ziet, hoe meer hij of zij 'koopt'.

Over die bib is de voorbije jaren al voldoende geschreven, onder meer in Bibliotheek- & archiefgids, de voorloper van META, na een studiereis die de VVBAD organiseerde. Op een doordeweekse middag in december zit de bibliotheek vol. Zowat elke zitplaats is ingenomen en bijna iedereen heeft minstens één scherm voor zijn neus: een van de internet-pc's, een laptop, een smartphone. Van ontmoeting is zo op het oog weinig sprake: het is elk voor zich. Het personeel lijkt er wat verloren bij te lopen. Voor de boeken is er niet veel interesse.

Directeur Hans van Velzen bevestigt ook dat er weinig vragen komen en rekent meteen uit hoeveel de infobalies op elke verdieping wel kosten, met 84 (!) openingsuren per week en drie formatieplaatsen per verdieping. Hier wordt nagedacht over bezuinigingen. Het personeel dat niet op de vloer staat, zit opeengepakt in een kleine ruimte in de kelder. Daglicht komt alleen uit een smalle lichtstraat boven hun hoofden. Ze hebben een kleine refter veroverd, ook al zou de directeur liever zien dat ze gebruik maken van La Place op de zevende verdieping. Donker en benepen, vinden wij. "Maar het kan hier best gezellig zijn", reageert een medewerker die boeken op een karretje laadt.

Vuil, is het oordeel van Vlaamse collega's. De gekromde rekken op de jeugdafdeling zijn stoffig, de banken bij de tijdschriften vuil, de witte stoelen op de verdiepingen versleten. De tol voor intensief gebruik? Op de vierde verdieping is er een radio-uitzending aan de gang, in het auditorium op de hoogste vloer vindt een filmvoorstelling plaats. Het gebouw en de massa: dat zijn de indrukken die blijven: de omvang, de architectuur en het design van de bibliotheek en het grote aantal bezoekers dat er gebruik van maakt. Toch vertrekken we met het gevoel dat er iets ontbreekt. Maar wat?