dinsdag 16 augustus 2011

Schatten in Berlijn


Het MAS als stapelhuis, schatkamer. Het is geen uniek geval, uiteraard.

Het Berlijnse Museum für Naturkunde pakt graag uit met zijn rijkdommen. Het skelet van de brachiosaurus, eerlijk gezegd de aanleiding voor een bezoek, kreeg zelfs een vermelding in het Guinness Book of Records als grootste gemonteerde skelet van deze soort. Indrukwekkend, daar draait het dus om. Maar als het alleen om deze marketingtruc ging, zou dit bericht behoorlijk triviaal worden.

Wie het museum doorkruist, stuit vroeg of laat op een sas, bediend door twee suppoosten. De tweede deur mag pas open als de eerste netjes gesloten is. De Duitsers werken nauwkeurig. Weinigen wagen zich dan ook hier. Wie doorzet, komt in een zaal waarin een tweede, reusachtige glazen zaal staat. Als bezoeker kan je er alleen omheen lopen. In die glazen ruimte staan, op glazen schappen, duizenden glazen flessen. Alle gevuld met sterk water. Af en toe kan je een labeltje onderscheiden met wetenschappelijke benamingen en museale verwijzingen, maar meestal zie je alleen glas en onduidelijke, dierlijke vormen. Soms herken je een verbleekte hamerhaai, of het lachende gezichtje van een rog in ethylalcohol. Uitleg krijg je niet, alleen een overweldigende indruk van een verzameling die een miljoen specimen telt. Een esthetische ervaring.

Ook daar hield het niet op. De tijdelijke tentoonstelling Federflug herdenkt de ontdekking, honderdvijftig jaar geleden, van de Archaeopteryx lithographica. Maar buiten een reconstructie van het skelet van deze oervogel, zijn er vooral veren te zien: araveren, fazantenveren, struisvogelveren, adelaarsveren, condorveren, ganzenveren en nog veel meer. Opnieuw meer rijkdom dan uitleg. Een mooi vormgegeven kleuren- en vormenspel.

Maar zo is het toch altijd geweest? Neem nu het recent gerenoveerde Neues Museum. Een egyptologische verzameling van wereldklasse op klassieke wijze uitgestald. De mooiste koningin van het Oude Egypte - en nee, dat is niet Cleopatra - krijgt er een zaal voor zich alleen. Terecht. Het hoofd van Nefertiti is inmiddels een cliché van jewelste, maar ik zag nog geen enkele afbeelding, nog geen enkele kopie, die het origineel kon evenaren. Je stelt je voor dat het beschadigd is omdat Thoetmosis, de man die het maakte, er een klap op gaf terwijl hij gefrustreerd uitriep: 'Maar leef dan toch!' (Zoals een andere kunstenaar veel later in een andere mythische stad met een beitel in zijn hand zal doen.) Voorrang dus voor de esthetische ervaring; het object als object.

Maar ook in de andere ruimtes van dit historische gebouw, ontbreekt het verhaal. Ondanks de prachtige verzameling uit Amarna, geen verhalen over ingewikkelde familieverbanden of religieuze experimenten. Alleen mooi opgestelde stukken. De sarcofagen liggen bijna letterlijk opgetast en wie niet vertrouwd is met de chronologie van dit rijk van drieduizend jaren, loopt hopeloos verloren.

En is dat de kern van deze klassieke en tegelijk ook nieuwe presentatiewijze? Dat de bezoeker zijn elders verworven kennis mee moet brengen naar het museum? Of dat hij zich moeten laten verwonderen door deze rijkdommen en thuis op zoek moet gaan naar meer. En als hij de drempels weet te overwinnen, kan hij dat ook al ter plaatse, in het MAS toch, via QR-codes. Die waren er in Berlijn overigens niet. (Of toch, maar daarover later meer.) Als we onze kennis verwerven via internet (en zo, uiteraard), dan kan het museum zich ongegeneerd concentreren op dat wat het onderscheidt: het object als object en uitpakken met zijn kerntaak: het verzamelen (en bewaren en zo, uiteraard) van zoveel mogelijk objecten.

(Hier eindigt mijn verhaal, maar toch niet zonder kleine voetnoot: mijn ervaring is gekleurd door bezoeken in familieverband. De audioguides in vreemde talen lieten we terzijde. Kinderen motiveer je niet door hen te laten wachten terwijl jij naar een uitleg in het Engels luistert die je dan vervolgens vertaalt. En het tempo moet hoog liggen. Kinderen in musea zijn nauwelijks bij te houden, zeker als  het hen interesseert. Maar misschien mag ik dan ook wel verwachten dat het museum uitleg biedt die snel behapbaar is, voor de gehaasten en de gezinnen onder de bezoekers?)