dinsdag 17 mei 2011

Poetsvrouwen

Op Neveneffecten, een studietweedaagse van Locus, sprak antropologe Ruth Soenen over gemeenschapsvorming. Een grote term voor iets - zo bleek - waar we vaak al mee bezig zijn. En dat in onverwachte hoekjes schuilt. Poestvrouwen kunnen een belangrijke schakel zijn, beweerde Soenen. Ze staan midden in de lokale gemeenschap, vaak meer dan de bibliothecaris of de directeur van het gemeenschapscentrum. Ze horen reacties van gebruikers die anders vaak onder de radar blijven. Hun impact op het leven in en rond de bib mag je niet onderschatten.

Het is een typisch verhaal van een studiedag. Zo een dat je graag gelooft, maar wat moet je ermee? En wordt er niet meer van gemaakt dan het eigenlijk is?

Maar dan...

Op een dag trek je met een bende kinderen naar een zwembad in een vreemde stad. Een groot zwembad met een wildwaterbaan. De ideale locatie voor een verjaardagsfeestje: eerst het water in, daarna de pannenkoeken.

Als je aankomt, zie je meteen de borden hangen: strikte kledingsvoorschriften: geen shorts met ritsen, zakken of pijpen onder de knie. De instructies zijn duidelijk. En aangezien het een vreemde stad is, zijn we er niet op voorbereid. Eén van de kinderen blijkt niet in orde met het reglement. Met de redder - 'bewaker' is een term die spontaan in me opwelt, maar goed, met de redder dus - valt niet te spotten. Wijdbeens in de deuropening, fluitje in de mond, staat hij klaar. Hij kijkt alsof hij het wel prettig zou vinden als je je kwaad maakt. Agressietraining heeft hij niet nodig. Hij weet wel hoe je agressieve bezoekers aanpakt.

Je houdt je dus maar in en vraagt beleefd wat je dan wel doen moet. Een rit naar huis om een zwembroek te halen, helpt het hele feestje om zeep. Alle kinderen zitten al in het water trouwens, alleen die ene niet. Gelukkig zijn er zwembroeken te koop aan de kassa. Daar is het aanschuiven. Het kind, al onder de douche geweest, staat te verkleumen.

Een poetsvrouw heeft het allemaal gadegeslagen. Ze wenkt. De zwembroeken blijken niet alleen te koop, maar, ook wel te leen, zij het via de achterdeur. 'Veel ruzie, niet goed', zegt ze terwijl het kind past.

Wat later is het echt feest. En als het uiteindelijk toch een mooie dag geworden is, hebben we dat in grote mate te danken aan een poetsvrouw die de reglementen soepel interpreteert en oog heeft voor 'haar' gemeenschap.
Published with Blogger-droid v1.6.9

dinsdag 3 mei 2011

Uitgeven

Op de Staat van het boek gaf Hans Bousie een opgemerkte keynotelezing waarin hij de vergelijking maakte tussen de muziekindustrie en het boekenvak. Zijn opmerkingen liggen in de lijn van Joel Falconer op The Next Web schrijft over de muziekindustrie. Beiden bevestigen - met meer kennis van zaken - de intuïtie die ik hier eerder verwoordde over de toekomst van het uitgeven.

Het komt erop neer dat binnen enkele jaren de uitgevers hun dominante rol in het boekenvak kwijtgespeeld zullen zijn.

In de muziekindustrie investeerden de producenten de voorbije jaren veel geld in preventie, door dure oplossingen te zoeken voor het digitale beheer van rechten (DRM) en in repressie, onder meer door downloadende gebruikers te vervolgen. Piraterij heeft het allemaal niet gestopt. Hun imago heeft wel veel schade opgelopen. Conclusie van Bousie: als je optelt welke sommen de muziekindustrie hierin kon investeren, boeren ze blijkbaar toch zo slecht niet. Advies van Bousie: steek er geen tijd in, het haalt toch niets uit.

Ondertussen zien we een fundamentele verschuiving: vroeger organiseerden muziekgroepen optredens om hun platenverkoop (vinyl!) te stimuleren. Nu verspreiden ze opgenomen muziek om meer volk naar hun optredens te lokken. Vertaal dit naar het boekenvak, en je ziet dat auteurs hun reputatie als schrijver gebruiken om op allerlei manieren geld te verdienen. Optredens, columns, auteurslezingen, ze zijn gebaseerd op de naam en de faam van de schrijver, moest ook Tom Naegels met enige tegenzin erkennen in zijn slotbeschouwing op de Staat van het Boek. Met andere woorden: zelfs voordat het e-book massaal is doorgebroken in de Lage Landen, werkt het systeem al op deze manier.

Aangezien opgenomen muziek (en dus bij analogie ook e-books) eerder een marketinginstrument zijn, verdient het aanbeveling om de prijs laag te houden. Dat was ook het succes van iTunes, toch? En juist dat is wat Erik Vlaminck, voorzitter van de Vlaamse Auteursvereniging (VAV)  en van het BoekenOverleg, aankondigde op Mind the Book. Hij zou één van zijn boeken voor een habbekrats beschikbaar stellen als e-book.

Ook op Mind the Book had Geert Joris al bekend dat Boek.be uitgevers enigszins arbitrair het advies gaf om e-books te verkopen aan 80% van de prijs van het papieren boek. Het advies was meer gebaseerd op intuïtie dan op harde argumenten. Misschien zijn er redenen om aan te nemen dat de productiekost van het elektronische boek niet heel veel lager ligt dan dat van het papieren boek. Maar productiekost is niet het enige element dat een prijs bepaalt. Ook reproductiegemak en betalingsbereidheid spelen een rol. Als niemand bereid is om voor een elektronische versie 80% van de prijs van een papieren editie te betalen, heb je een probleem. En als dat elektronische boek dan nog eenvoudig gekopieerd en gedeeld kan worden, heb je een heel groot probleem. Kijk maar naar de muziekindustrie.

In zijn artikel op The Next Web wijst Falconer erop dat het steeds eenvoudiger is geworden om zelf muziek op te nemen. De kosten voor de nodige hard- en software zijn spectaculair gedaald. Niets belet muziekmakers nog om hun eigen opnames te maken en te verspreiden. En voor boeken is dat natuurlijk nog veel eenvoudiger.

Voor de consument, de luisteraar, de lezer, is dat niet noodzakelijk een voordeel. Er wordt namelijk meteen ook meer rommel geproduceerd. Alles wat vroeger door productiemaatschappijen en uitgevers geweerd werd, wordt nu door de makers rechtstreeks aangeboden. De consument heeft dus nood aan selectie. Hij zal meer en meer op zoek gaan naar kanalen die hem helpen het kaf van het koren te scheiden. Voor boeken kunnen bibliotheken en (online) boekhandels hier een rol spelen. Maar ook de sociale media verdienen hier een plek. Wat vrienden aanbevelen, is gemakkelijker te beoordelen. En 'communities' bouwen rond bepaalde genres is een fluitje van een cent.

Als de creatievelingen rechtstreeks publiceren en de gebruikers beroep doen op sociale media en intermediairs om een selectie te maken, zullen de uitgevers en de producenten moeten vechten om hun meerwaarde in het hele productieproces te bewijzen.

In het licht van die ontwikkelingen is het vreemd dat de (georganiseerde) auteurs nauwelijks interesse tonen voor de ontwikkeling van een e-bookplatform in Vlaanderen. Ze laten de uitgevers de honneurs waarnemen. Hun belangen lopen nochtans niet gelijk. Vooral niet omdat de Vlaamse uitgevers de les van de muziekindustrie niet geleerd hebben. Ze laten zich leiden door angst voor piraterij. Ze streven naar absolute controle en willen zoveel mogelijk afschermen. Als we Hans Bousie mogen geloven, maken ze daarmee de verkeerde keuzes.

Published with Blogger-droid v1.6.8